WEBVTT

00:02.154 --> 00:08.287
Deze video leidt u door de vijf stappen
van het toedienen van CRYSVITA.

00:09.090 --> 00:14.079
Lees de patiëntenbijsluiter en de gebruiksaanwijzing
goed door voordat u het geneesmiddel gebruikt.

00:15.000 --> 00:19.256
Injecteer uzelf of uw kind alleen als uw arts u heeft verteld
dat u dit moet doen en nadat u getraind bent door een zorgverlener.

00:20.000 --> 00:24.500
Uw arts zal de juiste dosis voorschrijven en vertellen
hoeveel geneesmiddel u uzelf of uw kind moet toedienen.

00:24.977 --> 00:29.566
Het is mogelijk dat u of uw kind meer dan één injectieflacon
toegediend moet krijgen om de juiste dosis te verkrijgen.

00:30.276 --> 00:37.009
Als er meer dan één injectie nodig is moet u de volgende
stappen 2‑5 voor elke injectie herhalen op een andere injectieplaats

00:38.206 --> 00:42.727
Gebruik alleen de spuit en naalden die zijn bijgeleverd of die
door uw zorgverlener zijn voorgeschreven om de injectie toe te dienen.

00:43.450 --> 00:50.689
Wanneer de medicatie aan een jong kind wordt toegediend,
kan het handig zijn als er nog iemand anders aanwezig is ter ondersteuning.

00:54.460 --> 00:57.315
STAP 1: BENODIGDHEDEN VERZAMELEN EN INSPECTEREN

00:57.947 --> 01:00.633
Neem de injectieflacons met het
geneesmiddel die u nodig heeft uit de koelkast.

01:01.291 --> 01:05.963
Controleer de sterkte op het etiket van elke injectieflacon.

01:05.963 --> 01:10.516
Zorg ervoor dat u het juiste aantal injectieflacons heeft dat overeenkomt
met de dosis in milligram, zoals uw zorgverlener u heeft aanbevolen.

01:11.814 --> 01:14.839
Laat de injectieflacons gedurende 30 minuten op kamertemperatuur komen.

01:15.351 --> 01:23.398
Verwarm de injectieflacons op geen enkele andere manier,
zoals met heet water of in een magnetron. Plaats de injectieflacons
niet in direct zonlicht.

01:24.269 --> 01:31.394
Controleer daarna de uiterste houdbaarheidsdatum op het etiket
van de injectieflacon en inspecteer de vloeistof in de injectieflacon.
U mag er niet mee schudden.

01:32.208 --> 01:39.239
Gebruik de injectieflacon niet als de uiterste houdbaarheidsdatum
is verstreken, de vloeistof verkleurd of troebel is of deeltjes bevat.

01:40.076 --> 01:45.171
De vloeistof moet helder tot licht
melkachtig en kleurloos tot licht geelbruin zijn.

01:46.042 --> 01:49.280
Plaats alles wat u nodig heeft op een schoon, vlak oppervlak:

01:49.812 --> 01:59.889
injectieflacon(s) met het geneesmiddel, één spuit met zuiger,
één grote naald voor op de spuit om het geneesmiddel op te trekken,
één kleine naald voor op de spuit om het geneesmiddel te injecteren,

02:00.110 --> 02:07.967
alcoholdoekjes, naaldencontainer, pleister (indien nodig),
gaasje of wattenbolletje.

02:09.363 --> 02:14.049
Uw zorgverlener zal u uitleg geven over het gebruik
van de verschillende naalden.

02:14.777 --> 02:21.108
De grote naald wordt gebruikt om CRYSVITA uit de injectieflacon
op te trekken en de kleine naald wordt gebruikt om CRYSVITA te injecteren.

02:21.889 --> 02:25.460
Verwijder de doppen pas van de
naalden wanneer u klaar bent om ze te gebruiken.

02:26.222 --> 02:32.388
Gebruik geen benodigdheden waarbij onderdelen
ontbreken of die op een of andere manier beschadigd zijn.

02:33.614 --> 02:37.372
Was uw handen grondig met water en zeep voordat u met stap 2 begint.

02:39.243 --> 02:43.485
STAP 2. CRYSVITA OPTREKKEN EN DE INJECTIE VOORBEREIDEN

02:43.849 --> 02:48.187
We zullen nu stap 2 demonstreren,
deze stap moet na elke injectie worden herhaald.

02:48.772 --> 02:51.531
Verwijder eerst de afsluitdop
van de injectieflacon om de rubber stop vrij te maken.

02:52.432 --> 02:56.240
Maak daarna de rubber stop schoon met een alcoholdoekje en laat drogen.

02:56.448 --> 03:01.964
Raak de rubber stop na het schoonmaken niet meer aan.

03:03.194 --> 03:08.564
Neem de grote naald en verwijder deze uit de steriele
verpakking, maar laat de beschermdop op de naald zitten.

03:08.980 --> 03:16.898
Om de naald op de spuit te bevestigen, houdt u met de ene hand
de grote naald aan de beschermdop vast en houdt u met de andere
hand de spuit aan de cilinder vast.

03:17.678 --> 03:19.829
Afhankelijk van de benodigdheden die u heeft meegekregen,

03:19.947 --> 03:28.824
moet u de naald erop duwen en met de klok mee op de spuit draaien totdat
deze vastzit, of moet u de naald erop duwen totdat deze stevig vastzit.

03:29.359 --> 03:34.312
Raak de naald zelf of het uiteinde van de
spuit waarop de naald moet worden bevestigd, niet aan.

03:34.647 --> 03:43.100
Wanneer de naald stevig is bevestigd, houdt u de spuit aan
de cilinder vast met de naald naar boven gericht. Verwijder de dop
van de naald door hem er recht af te trekken. Gooi de naalddop niet weg.

03:44.001 --> 03:48.952
Raak de naald niet aan en zorg ervoor dat de naald niet
in contact komt met een oppervlak wanneer de dop verwijderd is.

03:48.952 --> 03:54.882
Gooi de naalddop niet weg.

03:55.714 --> 04:01.422
Uw zorgverlener zal u vertellen hoeveel vloeistof
u moet injecteren en welk maatstreepje u moet gebruiken.

04:01.630 --> 04:03.630
Gebruik altijd het maatstreepje dat overeenkomt met uw dosis.

04:04.480 --> 04:09.670
Trek de zuiger van de spuit op totdat het uiteinde van de zuiger
op één lijn staat met het maatstreepje dat overeenkomt met uw dosis.

04:10.073 --> 04:12.073
Hierdoor wordt de spuit met lucht gevuld.

04:13.736 --> 04:19.860
Houd de injectieflacon op een vlak oppervlak. Duw de grote
naald langzaam door de rubber stop en in de injectieflacon.

04:20.328 --> 04:23.813
Zorg ervoor dat het uiteinde van de naald
niet in aanraking komt met de vloeistof in de injectieflacon.

04:23.935 --> 04:31.160
Als het uiteinde van de naald in aanraking komt met de vloeistof,
trekt u de naald langzaam terug totdat deze de vloeistof niet meer raakt.

04:32.060 --> 04:37.235
Duw de zuiger langzaam in de spuit.
Hierdoor wordt er lucht van de spuit in de injectieflacon geduwd.

04:37.997 --> 04:41.412
Houd de naald in de injectieflacon en keer de injectieflacon om.

04:41.759 --> 04:49.228
Zorg ervoor dat het uiteinde van de naald zich op de bodem van de
vloeistof bevindt en trek de zuiger langzaam terug op om de spuit te vullen

04:49.331 --> 04:53.090
totdat het uiteinde van de zuiger op één
lijn staat met het maatstreepje dat overeenkomt met uw dosis.

04:53.388 --> 04:58.420
Houd het uiteinde van de naald de hele tijd in de vloeistof.

04:58.957 --> 05:02.247
Controleer dan of de vloeistof in de spuit luchtbellen bevat.

05:02.380 --> 05:07.614
Als u luchtbellen ziet, houd de spuit
rechtop terwijl de naald nog in de injectieflacon zit

05:07.614 --> 05:13.208
en tik zachtjes met een vinger
op de cilinder om de luchtbellen in beweging te brengen.

05:13.910 --> 05:20.944
Wanneer de luchtbellen zich bovenaan bevinden,
duwt u de zuiger langzaam in om de luchtbellen eruit te duwen.

05:21.302 --> 05:24.769
Controleer uw dosis opnieuw aan de hand van de maatstreepjes op de spuit.

05:25.087 --> 05:30.000
Trek, indien nodig, wat meer vloeistof op om de zuiger op één
lijn te laten komen met het maatstreepje dat overeenkomt met uw dosis.

05:30.118 --> 05:34.689
Controleer opnieuw op luchtbellen en herhaal dit proces, indien nodig.

05:35.434 --> 05:40.560
Wanneer er geen luchtbellen in de spuit zitten,
trekt u de spuit en de naald recht uit de injectieflacon.

05:41.132 --> 05:43.954
U moet nu de grote naald uit de spuit verwijderen.

05:44.387 --> 05:48.360
Om dit te doen, neemt u de dop van de grote
naald en plaatst u hem op een vlak oppervlak.

05:48.941 --> 05:56.334
Schuif de grote naald met één hand in de dop en
‘schep’ de dop op om hem op de naald te zetten zonder uw andere
hand te gebruiken om verwonding te vermijden.

05:57.079 --> 06:00.853
Gebruik vervolgens uw andere hand om de dop vast te klikken.

06:01.286 --> 06:08.146
Afhankelijk van uw benodigdheden, moet u de grote naald met
de dop erop tegen de klok in draaien om deze van de spuit te verwijderen

06:08.389 --> 06:14.087
of moet u de grote naald met de dop erop recht
van de spuit trekken en in de naaldencontainer plaatsen.

06:15.281 --> 06:21.037
Neem daarna de kleine naald en verwijder deze
uit de steriele verpakking, maar laat de dop op de naald zitten.

06:21.496 --> 06:29.132
Om de naald op de spuit te bevestigen,
houdt u met de ene hand de kleine naald aan de beschermdop vast
en houdt u met de andere hand de spuit aan de cilinder vast.

06:29.419 --> 06:36.994
Afhankelijk van de benodigdheden die u heeft
meegekregen moet u de naald erop duwen en met de klok mee
op de spuit draaien totdat deze vastzit

06:36.994 --> 06:39.486
of moet u de naald erop duwen totdat deze stevig vastzit.

06:39.757 --> 06:44.573
Raak de naald zelf of het uiteinde van de
spuit waaraan de naald moet worden bevestigd, niet aan

06:47.155 --> 06:50.188
STAP 3. DE INJECTIEPLAATS VOORBEREIDEN

06:50.577 --> 06:58.592
We zullen nu stap 3 demonstreren welke de voorbereiding
van de injectieplaats laat zien. U moet deze stap na elke injectie herhalen.

06:59.338 --> 07:02.967
De injectie moet worden toegediend in de vetlaag net onder de huid.

07:03.249 --> 07:09.259
Als u de injectie bij uzelf toedient, zijn geschikte
gebieden de buikstreek en de bovenkant van de dijen.

07:09.779 --> 07:18.825
Als u de injectie bij iemand anders toedient zijn de buikstreek,
bovenkant van de dijen, buitenkant van de bovenarmen en de billen
geschikte gebieden.

07:19.361 --> 07:26.655
Geef geen injectie in een gebied dat pijnlijk
of rood is of waar zich blauwe plekken, huidbeschadigingen,
striemen of littekens (waaronder brandwonden) bevinden.

07:27.000 --> 07:31.496
Geef geen injectie rechtstreeks
in een moedervlek of in een gebied rond een moedervlek.

07:31.888 --> 07:34.496
Gebruik voor elke injectie een andere
plaats als u meer dan één injectie toedient.

07:34.739 --> 07:42.914
Maak elke injectieplaats schoon met
een nieuw alcoholdoekje en laat de huid drogen.

07:44.078 --> 07:46.598
Stap 4. Het geneesmiddel injecteren

07:47.175 --> 07:54.183
We zullen nu stap 4 demonstreren waarbij de injectieprocedure
wordt getoond. U moet deze stap na elke injectie herhalen.

07:55.000 --> 07:58.803
Verwijder de dop van de kleine naald door hem er recht af te trekken.

07:59.844 --> 08:06.020
Knijp de huid stevig samen tussen uw duim en vingers
waardoor er een gebied van ongeveer 5 cm breed ontstaat.

08:06.679 --> 08:15.736
Houd de spuit tussen de duim en wijsvinger van
uw dominante hand. De naald moet in uw huid worden ingebracht
onder een hoek van 45 graden of 90 graden.

08:16.168 --> 08:19.440
Uw zorgverlener zal u tonen welke hoek u moet gebruiken.

08:20.000 --> 08:24.337
Gebruik een snelle beweging, alsof u een dartpijltje gooit,
om de naald in te brengen in de samengeknepen huid.

08:24.414 --> 08:30.545
Duw niet op de zuiger terwijl u de naald inbrengt.

08:31.082 --> 08:34.441
Beweeg de naald niet heen en weer nadat deze is ingebracht.

08:34.700 --> 08:39.833
Blijf de huid samenknijpen en duw de zuiger
gedurende 30 seconden langzaam in de spuit totdat de spuit leeg is.

08:40.630 --> 08:47.669
Nadat u de volledige dosis heeft toegediend, verwijdert
u de injectie door de spuit er zachtjes recht uit te trekken.

08:48.483 --> 08:54.925
Laat nu de samengeknepen huid los en druk een paar
seconden op de injectieplaats met een wattenbolletje
of gaasje om het bloeden te stoppen.

08:55.245 --> 09:00.163
Breng een pleister aan, indien nodig maar wrijf niet over de
injectieplaats. Om verwondingen te vermijden, mag u de dop niet
meer op de kleine naald zetten. Plaats de naald zonder dop
in de naaldencontainer.

09:00.301 --> 09:02.880
STAP 5. NA ELKE INJECTIE

09:03.614 --> 09:09.645
Plaats uw gebruikte naalden en doppen,
spuiten en injectieflacons in de naaldencontainer.

09:09.907 --> 09:17.964
Gooi naalden, spuiten of injectieflacons niet weg in de vuilnisbak
en bewaar geen injectieflacons met overgebleven geneesmiddel voor
toekomstig gebruik en geef ze niet door aan anderen.

09:18.726 --> 09:26.087
Als u meer dan één injectie toedient,
moet u voor elke injectie stap 2‑5 herhalen.

09:27.161 --> 09:30.750
Bedankt voor het kijken van
deze video - we hopen dat u dit nuttig vond.

09:30.883 --> 09:37.290
Voor verder details kunt u de Crysvita
bijsluiter en instructies voor gebruik raadplegen.
